Laten we stoppen met elkaar de put in praten

by Arjo Klamer Brabants Dagblad,
23 mei 2011
Original source »

Somberheid is een gevoel. Geluk is dat ook. Gevoelens geven een stemming weer.

En stemmingen zijn wisselvallig. Dus als mensen nu aangeven somber te zijn, verbaast dat niet gezien al het sombere nieuws dat ze op zich afkrijgen. Alsof al dat nieuws zou kloppen. Alsof al dat nieuws er toe doet.

Hoe wij mensen reageren op het nieuws is sterk afhankelijk van hoe we geleerd hebben te denken. Je zou kunnen zeggen dat u en ik tijdens het opgroeien zijn gehersenspoeld. Daardoor reageren we op een bepaalde manier op wat op ons afkomt, wat vervolgens weer een bepaald gevoel te weeg brengt. Op dat moment doet de waarheid er nauwelijks toe.

Volgens recent onderzoek van het instituut PON geven Brabanders aan somber te zijn (zie ook de Brabantpagina), onder meer omdat het nieuws hen blijft vertellen dat er een crisis is, dat de euro dreigt te vallen en dat de VS onder haar schuldenlast dreigt te bezwijken. Toch hoeven wij op grond van deze nieuwsfeiten helemaal niet somber te zijn. Dat we ons toch somber voelen, komt omdat we geleerd hebben dat alle nieuws correct is, dat een crisis slecht is en dat de toestand in de VS onmiddellijke gevolgen heeft voor Nederland. We zeggen niet dat we somber zijn omdat de feiten daar alle aanleiding toe geven. We zeggen dat we somber zijn omdat we voorgeprogrammeerd zijn om bepaalde feiten op een bepaalde manier te interpreteren.

Wat zult u zeggen wanneer ik u ervan weet te overtuigen dat er helemaal geen crisis is, en dat er ook geen crisis is geweest? Wat gebeurt er wanneer u gaat inzien dat slechts de financiële sector in de problemen kwam door uit de hand gelopen praktijken, dat vooral bankiers over een crisis gingen praten, gevolgd door conservatieve politici? Het gepraat over de crisis veroorzaakte een crisis-stemming. Omdat iedereen over de crisis ging praten ging ook iedereen doen alsof er een crisis was. Mensen met een vast inkomen gingen hun grote uitgaven uitstellen, bedrijven die een mooie omzet draaiden, begonnen uit voorzorg investeringsprojecten te schrappen. En zo kwam de economie in een dip. Maar een crisis was er niet en is er nog steeds niet. Er is geen sprake van fundamentele problemen en totale verwarring zoals je dat verwacht bij een crisis. Integendeel. De banken gaan weer vrolijk verder, de economie trekt goed aan, en werkgevers hebben alweer moeite goede werknemers te vinden. Hoezo crisis?

Maar omdat iedereen blijft doorpraten over een crisis, blijven mensen in een crisis-stemming. De waarheid verandert daar weinig aan. Ook al is die waarheid dat mensen in de ochtend vrolijk op hun fiets stappen in de wetenschap dat het thuis wel goed zit, dat er voldoende werk is, en dat het weekend veelbelovend lonkt. Maar wanneer het PON ons vervolgens vraagt hoe we er aan toe zijn, dan zeggen we ons grote zorgen te maken. Is het mogelijk om te ontkomen aan deze stemmingmakerij? Jazeker, maar dat vraagt om anders denken. Als we vastzitten in een bepaalde manier van denken, dan moet dit denksysteem veranderen, dan hebben we een andere hersenspoeling nodig.

Dat is waar ik aan werk. Als econoom en als mens probeer ik uit alle macht het economisch denken te herdenken, en daarmee het eigen denken. Neem het geluk. In de economie leer je dat consumeren gelukkig maakt en werken ongelukkig. Mensen kopen dingen omdat ze hopen dat daarmee hun geluk toeneemt. En ze krijgen geld voor hun werk ter compensatie van het ongeluk dat dit werk veroorzaakt. Wellicht had die manier van denken ooit zin in een wereld met allerlei materiële tekortkomingen. Maar vandaag is dit denken steeds minder relevant. Wat mensen vandaag gelukkig maakt, zo leert onderzoek, is wat ze met andere mensen delen: een gezinsleven, vriendschappen, goede gesprekken, een collegiale sfeer, muziek, een geloof, de prestaties van een voetbalclub. Wat mensen ook gelukkig maakt is het goede goed doen. Een moeder wil een goede moeder zijn, een loodgieter wil een goede loodgieter zijn, en een docent een goede docent. Lukt dat, dan geeft dat voldoening. En dat is, zoals Aristoteles al aangaf, het ware geluk.

U en ik moeten ons niet langer gek laten maken door al het nieuws, en al die stemmingmakerij, en ons concentreren op wat we doen, en proberen dat goed doen. In plaats ons bezig te houden met wat goed is voor onszelf, doen we er beter aan ons te richten op wat we delen met anderen. Voor wie erin slaagt om zo te praten, te denken en te doen, ziet de wereld er stukken rooskleuriger uit. Echt, het kan anders, het kan beter.

 

Prof. dr. Arjo Klamer is hoogleraar culturele economie aan de Erasmus Universiteit. Hij spreekt op het Wereldpodium van 25 mei over 'Geluk in tijd van somberheid'. Studiozaal, Theaters Tilburg. Zie ook: www.wereldpodium.nu © Brabants Dagblad 2011, op dit artikel rust copyright.